Zaterdagavond. Na een heerlijk dagje met mijn mams in de sauna, plof ik voordat ik richting huis ga, nog even gezellig bij mijn ouders op de bank. Net zoals bij velen huishoudens staat de televisie aan en zetelt men zich voor een gezellig potje 'zaterdagavond televisie'. Kopje koffie, koekje erbij, schoentjes uit, lekker nestelen op de bank. Laat het vermaak maar komen!
Het 'hoofdgerecht' van vanavond? 'Let's get married'; het nieuwe studioprogramma van Winston Gerschtanowitz, waarin twee koppels strijden om hun droombruiloft. Door middel van spelletjes, vragen en punten van van het publiek, wordt bepaald wie het winnende koppel is en nog diezelfde dag in de studio mag trouwen (met - jawel - meneer Gerschtanowitz als buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand).
Nu is er op papier op zich niets mis met het concept van bovenstaand programma. Sterker nog, het doet in eerste instantie vooral erg denken aan een vernieuwde versie van 'Ron's Honeymoon Quiz'. Strijdende stellen die alles op alles inzetten (zelfs hun familieleden) om als het winnende bruidspaar uit de bus te komen. Lachen, gieren, brullen met af en toe een traan. Een beter format voor kneuterige zaterdagavond televisie kun je niet krijgen, toch?
Hoe komt het dan toch dat ik vrijwel vanaf de eerste minuut van dit programma met grote verbazing en gekromde tenen heb zitten kijken? Nee, oplettende lezer, dat komt niet omdat ik een hekel heb aan bruiloften (dat werd uit eerdere posts nog wel eens ten onrechte geïmpliceerd). Of doordat ik niet tegen een beetje sentiment kan (ik huilde vroeger al bij Pipi Langkous). Zelfs het feit dat ik al bijna een jaar zonder tv leef en dus weinig van dit soort programma's tegenkom, kan niet de reden zijn dat juist bij dit programma mijn haren letterlijk rechtovereind gingen staan.
Nee, het punt waar ik over viel heeft alles te maken met de manier waarop menselijke emoties steeds vaker op een goedkope manier worden gebruikt, ingezet en tentoongesteld. Want lieve mensen, als ik dit programma toch met twee woorden zou moeten samenvatten, dan is dat wel een sterk staaltje van: sentimentele uitbuiting.
Het begon al met het aanzoek. Immers, wie wilt trouwen moet gevraagd worden en bij zo'n emotionele gebeurtenis zijn Winston en zijn cameramannen maar al te graag bij. Op zich erg leuk natuurlijk om het programma op deze manier in te leiden, ware het niet dat met deze filmpjes het echte spel meteen is gestart. Want jawel, lieve kijkers, we pinken niet alleen een traantje weg bij deze - door het programma geregisseerde - aanzoeken, maar de 'jury' in het publiek mag ook nog eens stemmen welk aanzoek zij het mooist vonden. Wordt het koppel A met hun stoere James Bond-actie, of toch koppel B met het romantische aanzoek op het strand? Wie de meeste stemmen voor zich weet te winnen, wint de ronde en ik hoef jullie denk ik niet te vertellen welk koppel dat in dit geval was.
Gelukkig staan beide koppels er niet alleen voor. Naast dat ze namelijk zichzelf tentoonstellen door middel van emotionele liefdesverklaringen die ze elkaar voorlezen (en waarbij - natuurlijk - wederom punten gescoord kunnen worden), worden ook naaste vrienden en familie - al dan niet vrijwillig - in het spel betrokken.
Zo is daar de super-tranentrekkende-ronde waarin de brides-to-be een zelfgeschreven brief voorlezen aan hun ouders. Nog voordat de eerste zin is uitgesproken biggelen de eerste tranen al over de wangen en wordt er vol emotie verteld hoeveel zij als ouders wel niet betekend hebben en dat ze toch altijd zo'n groot voorbeeld zijn geweest. Het einde van de brief is door al het gesnotter op het laatst amper nog te volgen, maar hé, dat maakt in dit geval natuurlijk niet uit. Wie jankt die scoort, dus ik zeg: rijkelijk laten vloeien die tranen! Geen gemaar, huilen moet je! Al pers je er nog maar een extra uit voor het beeld. Je moet er wat voor over hebben om je droombruiloft te winnen.
Nu moet ik eerlijk toegeven dat ik überhaupt niet snap waarom je ten overstaande van heel Nederland in een studio op televisie zou willen trouwen, maar dat mag natuurlijk iedereen voor zichzelf bepalen. Wat de droombruiloft is van de een, is immers de grootste verschrikking voor de ander. Waar ik echter met mijn hoofd echt niet bij kan, is dat je er zelf bewust voor kiest om onder het toeziend oog van meer dan een miljoen Nederlanders vrijwel je hele liefdesleven als een soort goedkoop spel-element bloot te leggen. Alles is te zien, niets is nog persoonlijk. Dan moet je wel echt heel graag die bruiloft willen winnen.
En dan win je; wat dan? Ja, je krijgt een jurk, de ringen, een feest en een huwelijksreis cadeau. Heel fijn natuurlijk - een bruiloft kost immers een klap met geld -, maar wat als je nou niet op die locatie wilt feesten en Dubai de laatste plek is waar je je wittebroodsweken wilt vieren? Ja, dan zit je toch mooi met de gebakken peren. Wie onder het toeziend oog van Winston en zijn camera's trouwt, dient ook de rest van de bruiloft in het keurslijf van sponsors te vieren (je zou er bijna een traantje om laten).
Nee, hoe mooi, groots en gratis dit alles ook mag klinken, laat mij in dit geval maar gewoon lekker zelf sparen voor bruiloft, waarbij ik zelf mag kiezen wie mijn emotionele uitingen mag aanhoren en waarbij de enige punten die verdeeld kunnen worden, grote punten taart zijn.
Voorlopig in ieder geval geen sentimentele hutspot meer voor mij. Ik heb mijn portie zaterdagavond televisie wel even gehad. Let's get married? Nou, op deze manier zeker niet!
zondag 11 december 2011
donderdag 1 december 2011
Proud to be Dutch: het verlangen naar Nederland
Zo viert ze ieder jaar met het hele gezin Sinterklaas. Zij heeft dit feest al van jongs af aan bij haar kinderen geïntroduceerd en sindsdien wordt er steeds weer opnieuw halsreikend naar dit heerlijke avondje uitgekeken. Wij sturen vanuit Nederland een heel pakket met chocoladeletters, pepernoten, hageslag en washandjes (blijkbaar ook echt iets typisch Hollands) en zij zetten daar aan de andere kant van de wereld hun schoen en zingen met een Amerikaans accent 'Sinterklaas kapoentje', en 'Zie ginds komt de stoomboot'.
Nu is dit verlagen naar Nederland niet zo vreemd - helemaal als je al zo lang zonder je familie in het buitenland woont -, maar het zette me wel aan het denken over ons als Nederlanders en in hoeverre wij eenmaal in het buitenland meer waarde lijken te hechten aan ons Nederlanderschap.
Neem bijvoorbeeld het Sinterklaasfeest. Daar waar mijn tante er zo ver weg ieder jaar heel veel aandacht aan besteed, doen wij er thuis eigenlijk helemaal niets meer aan. Het is een leuk feest dat zeker bij Nederland hoort, maar zodra de meeste kinderen groot zijn, is de lol van het schoentje zetten er meestal wel af en wordt de traditie vaak alleen nog in ere gehouden met halfbakken surprises en snel in elkaar geflanste gedichten.
Toen mijn moeder de mail van mijn tante las, schaamde ze zich haast dat ze dit volksfeest zo had laten verslonzen en dat wij - wonend in Nederland - de goedheiligman gewoon ieder jaar aan ons huisje voorbij laten gaan. Hoe heeft dit kunnen gebeuren?
En hoe komt het dan toch dat wanneer je in het buitenland bent, je ineens wel weer heel erg de behoefte krijgt om aan dit soort tradities vast te houden en overmatig blij kan worden van de meest onnozele typisch Nederlandse dingen?
Zoals die dag dat ik als backpacker in Australië na meer dan 6 maanden op reis in een supermarkt ineens stuitte op een schap vol met Nederlandse artikelen. Daar waar ik normaal weinig geef om hagelslag of speculaas, voelde het nu alsof ik de jackpot had gewonnen. Néderlandse artikelen; ik voelde me als een kind in een snoepwinkel zo blij. Sterker nog, mijn heuse verslaving aan appelstroop is ooit gestart in die desbetreffende supermarkt. In Nederland wist ik amper hoe appelstroop eruit zag (lustte het niet eens), maar nu móest en zou ik die pot hebben! Heimwee, herkenning, Hollands bloed dat sneller ging stromen? Ik weet het niet. Maar dat ik mij even heel erg Nederlands voelde en dat ook graag wilde zijn, dat was wel duidelijk.
Zo ook die keer dat tijdens mijn Amerikaanse studententijd samen met mijn Duitse vriendinnetje oranje kroontjes in elkaar heb geknutseld voor Koninginnedag. Nu ben ik normaal best in voor een oranje verkleedpartij op de verjaardag van Bea, maar zoveel werk als toen heb ik er nooit eerder in gestoken. Een kroontje, oranje kettingen, oranje limonade. Ik heb zelfs nog ergens een Nederlandse vlag vandaan weten te halen (die ik thuis niet eens heb liggen). Zo weinig als ik in Nederland met het koningshuis heb, zo belangrijk vond ik het nu. Al mijn internationale studievrienden werden opgetrommeld met de mededeling dat ze toch echt allemaal in het oranje moesten komen om samen met mij groots de verjaardag van de Koningin te vieren. Ik heb me nog net in kunnen houden om niet ook nog het 'Wilhelmus' uit te printen en uit volle borst mee te zingen.
Een Nederlander ben ik altijd, maar in het buitenland altijd nog net íets meer. Zo heb ik mijn fiets nog nooit zo erg gemist als in Amerika en dronk ik nooit eerder een biertje puur en alleen om het feit dat het de naam 'Hollandia' droeg.
Ik ben dan ook erg benieuwd welk aspect van mijn 'Nederlanderschap' straks op mijn volgende reis ineens uitvergroot naar de oppervlakte zal komen. Zal ik een voorliefde ontwikkelen voor dubbelzoute dropjes of ineens ontzettende heimwee krijgen naar een echte Hollandse 'kringverjaardag' compleet met plakjes kaas en worst? We zullen het zien.
Eén ding dat ik wel zeker weet, is dat ik volgend jaar dankzij mijn tante ook in Nederland weer even een 'echte' traditionele Nederlander mag zijn. Dan gaat mijn moeder namelijk het Sinterklaasfeest weer in ere herstellen.
Ik verheug me nu al op de pepernoten en hoop op een grote pot appelstroop in mijn schoen!
zaterdag 19 november 2011
Achteromkijken om vooruit te dromen
Als je vooruit wilt in het leven, moet je vooral niet achteromkijken. Wie achterom kijkt, blijft hangen in het verleden en als er iets wordt afgeraden, dan is dat het wel. Je mag niet stilstaan, terugkijken of blijven hangen. Nee, het is beter om te leven in het nu en te denken aan de toekomst.
Ik vraag me echter af waarom achteromkijken vaak als zoiets negatiefs wordt gezien. Ik beleef er namelijk altijd erg veel plezier aan. Zo heb ik thuis in een oude doos een hele verzameling (school)agenda's liggen van de afgelopen paar jaar. Rotzooi, zou je zeggen, maar geen haar op mijn hoofd die eraan denkt om ze weg te gooien. Zo nu en dan wordt die doos namelijk tevoorschijn getoverd en heb ik als heimelijk genoegen om bijvoorbeeld in het exemplaar van 2007 op te zoeken wat ik toen die dag deed op de datum van vandaag. Met wie sprak ik af, hoe vulde ik mijn dag, waar droomde ik over? Het is grappig om te zien hoe het leven soms loopt en hoe dromen in de loop der tijd kunnen veranderen.
Niets is zo onvoorspelbaar als het leven en door af en toe eens terug te kijken naar de dingen die je hebt gedaan en de paden die je hebt bewandeld, besef je dat er naast bewuste keuzes ook vaak andere zaken zijn die je leven zomaar een nieuwe wending kunnen geven.
Zo las ik laatst de blogs terug die ik rond deze tijd van het jaar in 2010 heb geschreven. Toen Meisje Nooit Genoeg begon, woonde ik nog in Nijmegen. Over samenwonen werd stiekem al een beetje gesproken, maar ik had niet kunnen vermoeden dat door een simpele contract-uitbreiding het ineens allemaal zo snel zou gaan. Laat staan dat ik weer terug zou verhuizen naar mijn oude dorp! Wie mij dat twee jaar van tevoren zou hebben verteld, zou ik zeker heel hard hebben uitgelachen. Lang leve de onvoorspelbaarheid!
Achteromkijken. Ik doe het graag. En zeg nou zelf; kijk jij niet ook graag naar foto's of filmpjes van vroeger? Heerlijk toch als je soms met een foto weer weg kunt dromen naar die fantastische vakantie, of dat een oude liefdesbrief ineens weer de vlinders van die kalverliefde laat fladderen? Door even je hoofd een kleine slag te draaien, kan je zomaar weer zwemmen in allerlei herinneringen.
En natuurlijk, je moet me dit alles niet doorslaan en het verleden krampachtig vast willen blijven houden. Wat geweest is, is geweest. Maar dat betekent natuurlijk niet dat je al die herinneringen maar meteen weg moet stoppen. Een beetje stilstaan en een beetje zelfreflectie zo nu en dan, kan namelijk juist erg fijn zijn.
En wat misschien nog wel het allerleukste is van achteromkijken, is dat het ervoor zorgt dat de toekomst nóg spannender wordt! Wanneer je terug kijkt en beseft dat je bepaalde wendingen nooit had kunnen voorspellen, dan weet je dat de toekomst net zoveel verrassingen in petto kan hebben. Wat doe ik bijvoorbeeld volgend jaar op dit tijdstip? Waar woon ik, waar werk ik, met wie ga ik om?
Hoewel ik het antwoord nu nog zeker niet hoef te weten, is het wel leuk om hier zo af en toe over te dromen en na te denken. En of mijn leven er volgend jaar ook net zo uitziet als ik nu had bedacht; dat lees ik het jaar daarop gewoon weer in mijn agenda terug.
Ik vraag me echter af waarom achteromkijken vaak als zoiets negatiefs wordt gezien. Ik beleef er namelijk altijd erg veel plezier aan. Zo heb ik thuis in een oude doos een hele verzameling (school)agenda's liggen van de afgelopen paar jaar. Rotzooi, zou je zeggen, maar geen haar op mijn hoofd die eraan denkt om ze weg te gooien. Zo nu en dan wordt die doos namelijk tevoorschijn getoverd en heb ik als heimelijk genoegen om bijvoorbeeld in het exemplaar van 2007 op te zoeken wat ik toen die dag deed op de datum van vandaag. Met wie sprak ik af, hoe vulde ik mijn dag, waar droomde ik over? Het is grappig om te zien hoe het leven soms loopt en hoe dromen in de loop der tijd kunnen veranderen.
Niets is zo onvoorspelbaar als het leven en door af en toe eens terug te kijken naar de dingen die je hebt gedaan en de paden die je hebt bewandeld, besef je dat er naast bewuste keuzes ook vaak andere zaken zijn die je leven zomaar een nieuwe wending kunnen geven.
Zo las ik laatst de blogs terug die ik rond deze tijd van het jaar in 2010 heb geschreven. Toen Meisje Nooit Genoeg begon, woonde ik nog in Nijmegen. Over samenwonen werd stiekem al een beetje gesproken, maar ik had niet kunnen vermoeden dat door een simpele contract-uitbreiding het ineens allemaal zo snel zou gaan. Laat staan dat ik weer terug zou verhuizen naar mijn oude dorp! Wie mij dat twee jaar van tevoren zou hebben verteld, zou ik zeker heel hard hebben uitgelachen. Lang leve de onvoorspelbaarheid!
Achteromkijken. Ik doe het graag. En zeg nou zelf; kijk jij niet ook graag naar foto's of filmpjes van vroeger? Heerlijk toch als je soms met een foto weer weg kunt dromen naar die fantastische vakantie, of dat een oude liefdesbrief ineens weer de vlinders van die kalverliefde laat fladderen? Door even je hoofd een kleine slag te draaien, kan je zomaar weer zwemmen in allerlei herinneringen.
En natuurlijk, je moet me dit alles niet doorslaan en het verleden krampachtig vast willen blijven houden. Wat geweest is, is geweest. Maar dat betekent natuurlijk niet dat je al die herinneringen maar meteen weg moet stoppen. Een beetje stilstaan en een beetje zelfreflectie zo nu en dan, kan namelijk juist erg fijn zijn.
En wat misschien nog wel het allerleukste is van achteromkijken, is dat het ervoor zorgt dat de toekomst nóg spannender wordt! Wanneer je terug kijkt en beseft dat je bepaalde wendingen nooit had kunnen voorspellen, dan weet je dat de toekomst net zoveel verrassingen in petto kan hebben. Wat doe ik bijvoorbeeld volgend jaar op dit tijdstip? Waar woon ik, waar werk ik, met wie ga ik om?
Hoewel ik het antwoord nu nog zeker niet hoef te weten, is het wel leuk om hier zo af en toe over te dromen en na te denken. En of mijn leven er volgend jaar ook net zo uitziet als ik nu had bedacht; dat lees ik het jaar daarop gewoon weer in mijn agenda terug.
woensdag 16 november 2011
Het meisje versus de poppetjes
Hoewel ik als Meisje Nooit Genoeg nooit genoeg krijg van het schrijven van nieuwe stukjes, is het soms ook tijd om er even tussenuit te gaan. Even weg uit het leven zoals je dat kent en op zoek naar nieuwe plekken en avonturen. Wie hard werkt mag immers ook hard genieten.
Over 7 weken is het zover. Dan gaat Meisje Nooit Genoeg een tijdje met vakantie, of beter gezegd, op een mini sabbatical. Voor een paar maanden zal de standplaats niet ons koude kikkerlandje zijn, maar een plek 24 uur vliegen hier vandaan. Samen met Vriendje Nooit Genoeg zal het knusse huisje tijdelijk achtergelaten worden en zullen we als kleine schildpadjes met onze backpack iedere dag gewoon zien waar we belanden.
Dat bovenstaande mooie nieuwe verhalen gaat opleveren, dat hoef ik jullie wellicht niet te vertellen. Daarom zal Meisje Nooit Genoeg wellicht even niet meer schrijven, maar wordt het stokje overgedragen aan twee reislustige poppetjes die alle verre avonturen zullen registreren. Mocht je ze alvast even willen ontmoeten; neem dan een kijkje op http://door-de-poppetjes-van-onze-ogen.blogspot.com/
Maar voor het zover is, blijven de poppen nog even in de kast en zal het meisje de komende weken haar ogen en oren nog openhouden voor nieuwe verhalen.
Over 7 weken is het zover. Dan gaat Meisje Nooit Genoeg een tijdje met vakantie, of beter gezegd, op een mini sabbatical. Voor een paar maanden zal de standplaats niet ons koude kikkerlandje zijn, maar een plek 24 uur vliegen hier vandaan. Samen met Vriendje Nooit Genoeg zal het knusse huisje tijdelijk achtergelaten worden en zullen we als kleine schildpadjes met onze backpack iedere dag gewoon zien waar we belanden.
Dat bovenstaande mooie nieuwe verhalen gaat opleveren, dat hoef ik jullie wellicht niet te vertellen. Daarom zal Meisje Nooit Genoeg wellicht even niet meer schrijven, maar wordt het stokje overgedragen aan twee reislustige poppetjes die alle verre avonturen zullen registreren. Mocht je ze alvast even willen ontmoeten; neem dan een kijkje op http://door-de-poppetjes-van-onze-ogen.blogspot.com/
Maar voor het zover is, blijven de poppen nog even in de kast en zal het meisje de komende weken haar ogen en oren nog openhouden voor nieuwe verhalen.
vrijdag 4 november 2011
Een enkeltje paradijs
Vorige week zaterdag zaten Vriendje Nooit Genoeg en ik lekker te ontbijten toen plotseling de deurbel ging. 'Jehovah's', bromde vriendje met volle mond. 'Ik doe niet open hoor.' Vriendje heeft nogal een broertje dood aan mensen die hun religie aan de deur proberen te verkopen. En hoewel ook ik er niet echt op zat te wachten om tijdens mijn ontbijt gestoord en bekeerd te worden, kon ik het toch niet laten om toch naar de deur te lopen. Een beetje vriendelijkheid siert de mens (bovendien hadden die mensen ons al lang zien zitten) en daarnaast was ik eigenlijk ook wel nieuwsgierig naar wat ze dit keer te melden hadden.
'Goedemorgen, ik ben Truus en dit is mijn vriendin Dinie, zouden we u misschien wat mogen vragen?' Nou, vragen staat altijd vrij, dus kom maar op. 'Heeft u ook het gevoel dat het de laatste tijd steeds slechter gaat met de wereld? Met al die aardbevingen, overstromingen, economische crisis...?' -'U bedoelt dat de wereld vergaat? Nou, daar geloof ik niet zo in hoor.' 'Nee, nee', zegt Truus, 'wij willen niet beweren dat de wereld vergaat, maar u moet toch toegeven dat het wel erg slecht gaat op dit moment?' -'Ehm, tja...is dat niet iets van alle tijden? Ups en downs horen nu eenmaal bij het leven lijkt me zo.' Nou, daar dachten de vriendinnen Truus en Dinie duidelijk anders over. 'Het is wel erg uitzonderlijk wat er de laatste tijd allemaal gebeurt hoor. Wellicht dat we u misschien een stukje uit de bijbel mogen laten lezen?' Eh ja, en daar raakten de dames mij toch echt kwijt. Prima om een praatje te maken, maar ook mijn vriendelijke belangstelling kent grenzen, dus bij deze heb ik de dames vriendelijk voor hun verzoek bedankt en aangegeven dat ik - met gevaar voor eigen leven (de wereld zou immers wel eens kunnen vergaan!) - toch graag mijn ontbijt wilde voortzetten.
Eenmaal terug aan de ontbijttafel, vroeg ik mezelf af waarom bepaalde groeperingen als Jehovah's getuigen eigenlijk nog steeds langs de deuren gaan. Denken ze echt dat ze op deze manier extra zieltjes zouden kunnen winnen? Je zou denken van wel, anders doen ze het niet. Maar dan nog.. Hoe frustrerend moet het zijn om bij iedereen onaangekondigd aan te moeten bellen, om dan vol overtuiging een verhaal te houden waar negen van de tien keer niemand op zit te wachten?
Sowieso ben ik nogal sceptisch wat het geloof betreft. Ben zelf zonder bijbel opgevoed, nooit naar een echte kerkdienst geweest en heb altijd op openbare scholen gezeten. Wellicht dat ik er dus ook te weinig vanaf weet om er een goed oordeel over te kunnen vellen, maar ik snap gewoon nooit zo goed waarom het voor veel gelovige mensen zo belangrijk is om ook anderen tot hun geloof te laten bekeren.
Kijk, stel dat de wereld vergaat. Wat zouden zij dan voor mij kunnen doen? Een plaatsje aanbieden op de ark? Naar wat ik weet (pin me er niet op vast; ik ben ook maar een bijbel-leek) mogen er van ieder soort maar 2 exemplaren mee, dus dat lijkt me een onmogelijk plan. Daarnaast denk ik dat als zelfs de Titanic een ijsberg niet aan kan, het mij stug lijkt dat een ark van hout het einde van de wereld wél zal overleven.
Maar wellicht draaf ik een beetje door met mijn ark verhaal (als het waar is, lijkt het me namelijk best gezellig). De hoofdreden waarvoor het duo Truus en Dinie bij mij aan de deur kwam, was natuurlijk om mij ervan te overtuigen dat ik er goed aan zou doen om volgens de regels van de bijbel te leven en mijzelf daarmee een vrijkaartje voor het hemelse paradijs te verschaffen.
Ja, en dat is precies het punt wat ik aan het hele geloof echt niet snap. Ik begrijp dat je als mens dingen wilt verklaren en ik vind het prima als je daarvoor je geluk zoekt in het geloof. Wat mij betreft is iedereen vrij om te denken en geloven wat hij of zij wilt. Of je nu naar de kerk gaat, de moskee bezoekt, drie keer per dag bidt of liever een mantra zingt: ik vind het allemaal prima. Maar laat ook mij vrij in mijn niet-gelovige leven en ga mij zeker niet vertellen hoe ik moet leven. Helemaal niet als die regels afkomstig zijn van een boek dat al meer dan duizend jaar oud is. Ik leef zelf volgens de regels zoals ik denk dat een goed mens moet leven en mocht er aan het einde dan een God of een hemel blijken te zijn, dan zullen die mij vast ook wel met open armen ontvangen.
Sowieso vind ik het eerlijk gezegd erg zonde om tijdens je hele aardse leven bezig te zijn met datgene dat (misschien) daarna komt. Mensen geloven, maar weten dus niet zeker dat er een hemel is. Wat als die hemel er straks helemaal niet blijkt te zijn? Heb je straks je hele leven volgens regels geboden geleefd, maar blijkt er aan het einde van de tunnel gewoon helemaal niets te zijn? Ik zeg niet dat het zo is, maar het zou zomaar kunnen. Daarnaast; wie zegt dat het paradijs misschien niet gewoon hier is? Gewoon hier, doodgewoon op aarde. Het is misschien niet altijd rozengeur en maneschijn, maar verder..Als je er zelf wat van maakt en bereid bent om de mooie dingen te zien, dan zou het paradijs wellicht gewoon voor je neus en aan je voeten kunnen liggen. Toch verrekte jammer als je daar pas op het laatst achterkomt, wanneer er geen tijd meer is om van iedere dag te genieten.
Ik wil met dit stukje dan ook niemand voor het hoofd stoten of het geloof als een ouderwets sprookje afschilderen. (Zoals ik al zei: ieder is vrij om te denken en geloven wat hij wilt.) Het enige dat ik graag zou zien, is dat iedereen - christen, moslim, atheïst - gewoon eens wat toleranter en ruimdenkender zou zijn en elkaar in zijn waarde zou laten. Geloof wat je wil, maar laat anderen vrij om niet te geloven of juist in iets anders te geloven. Scheelt voor de mensen achter de deur niet alleen een hoop frustratie, maar voor alle Truusjes en Dinies voor de deur ook een heleboel tijd. Tijd die ze mooi kunnen gebruiken om meer van het paradijs op aarde te genieten. Amen.
'Goedemorgen, ik ben Truus en dit is mijn vriendin Dinie, zouden we u misschien wat mogen vragen?' Nou, vragen staat altijd vrij, dus kom maar op. 'Heeft u ook het gevoel dat het de laatste tijd steeds slechter gaat met de wereld? Met al die aardbevingen, overstromingen, economische crisis...?' -'U bedoelt dat de wereld vergaat? Nou, daar geloof ik niet zo in hoor.' 'Nee, nee', zegt Truus, 'wij willen niet beweren dat de wereld vergaat, maar u moet toch toegeven dat het wel erg slecht gaat op dit moment?' -'Ehm, tja...is dat niet iets van alle tijden? Ups en downs horen nu eenmaal bij het leven lijkt me zo.' Nou, daar dachten de vriendinnen Truus en Dinie duidelijk anders over. 'Het is wel erg uitzonderlijk wat er de laatste tijd allemaal gebeurt hoor. Wellicht dat we u misschien een stukje uit de bijbel mogen laten lezen?' Eh ja, en daar raakten de dames mij toch echt kwijt. Prima om een praatje te maken, maar ook mijn vriendelijke belangstelling kent grenzen, dus bij deze heb ik de dames vriendelijk voor hun verzoek bedankt en aangegeven dat ik - met gevaar voor eigen leven (de wereld zou immers wel eens kunnen vergaan!) - toch graag mijn ontbijt wilde voortzetten.
Eenmaal terug aan de ontbijttafel, vroeg ik mezelf af waarom bepaalde groeperingen als Jehovah's getuigen eigenlijk nog steeds langs de deuren gaan. Denken ze echt dat ze op deze manier extra zieltjes zouden kunnen winnen? Je zou denken van wel, anders doen ze het niet. Maar dan nog.. Hoe frustrerend moet het zijn om bij iedereen onaangekondigd aan te moeten bellen, om dan vol overtuiging een verhaal te houden waar negen van de tien keer niemand op zit te wachten?
Kijk, stel dat de wereld vergaat. Wat zouden zij dan voor mij kunnen doen? Een plaatsje aanbieden op de ark? Naar wat ik weet (pin me er niet op vast; ik ben ook maar een bijbel-leek) mogen er van ieder soort maar 2 exemplaren mee, dus dat lijkt me een onmogelijk plan. Daarnaast denk ik dat als zelfs de Titanic een ijsberg niet aan kan, het mij stug lijkt dat een ark van hout het einde van de wereld wél zal overleven.
Maar wellicht draaf ik een beetje door met mijn ark verhaal (als het waar is, lijkt het me namelijk best gezellig). De hoofdreden waarvoor het duo Truus en Dinie bij mij aan de deur kwam, was natuurlijk om mij ervan te overtuigen dat ik er goed aan zou doen om volgens de regels van de bijbel te leven en mijzelf daarmee een vrijkaartje voor het hemelse paradijs te verschaffen.
Ja, en dat is precies het punt wat ik aan het hele geloof echt niet snap. Ik begrijp dat je als mens dingen wilt verklaren en ik vind het prima als je daarvoor je geluk zoekt in het geloof. Wat mij betreft is iedereen vrij om te denken en geloven wat hij of zij wilt. Of je nu naar de kerk gaat, de moskee bezoekt, drie keer per dag bidt of liever een mantra zingt: ik vind het allemaal prima. Maar laat ook mij vrij in mijn niet-gelovige leven en ga mij zeker niet vertellen hoe ik moet leven. Helemaal niet als die regels afkomstig zijn van een boek dat al meer dan duizend jaar oud is. Ik leef zelf volgens de regels zoals ik denk dat een goed mens moet leven en mocht er aan het einde dan een God of een hemel blijken te zijn, dan zullen die mij vast ook wel met open armen ontvangen.
Ik wil met dit stukje dan ook niemand voor het hoofd stoten of het geloof als een ouderwets sprookje afschilderen. (Zoals ik al zei: ieder is vrij om te denken en geloven wat hij wilt.) Het enige dat ik graag zou zien, is dat iedereen - christen, moslim, atheïst - gewoon eens wat toleranter en ruimdenkender zou zijn en elkaar in zijn waarde zou laten. Geloof wat je wil, maar laat anderen vrij om niet te geloven of juist in iets anders te geloven. Scheelt voor de mensen achter de deur niet alleen een hoop frustratie, maar voor alle Truusjes en Dinies voor de deur ook een heleboel tijd. Tijd die ze mooi kunnen gebruiken om meer van het paradijs op aarde te genieten. Amen.
Abonneren op:
Posts (Atom)
